Hoe vaak Martijn Smeets het noorderlicht ook ziet, hij blijft het een magische ervaring vinden. In zijn portfolio staan talloze prachtige noorderlichtfoto’s, maar die komen ‘m niet aanwaaien. Natuurlijk moet je geluk hebben, maar het is ook een kwestie van geduld en doorzetten. Zelfs als het betekent dat je bij temperaturen van -20 urenlang in de sneeuw staat.
In deze aflevering van Vink Mooi vertelt Martijn Smeets over een (bucketlist)foto die hij maakte tijdens een meerdaagse huskytocht in de Noorse wildernis.

In deze aflevering hoor je:
- wat er allemaal komt kijken bij een meerdaagse huskytocht (en waarom op de slee staan het minste zware van de expeditie is)
- wat de sweet spot van de sluitertijd is bij het fotograferen van het noorderlicht, en wat je zeker niet moet vergeten bij de camera-instellingen
- waarom het noorderlicht een numbers game is
- wat volgens Martijn een goede noorderlichtfoto van een matige noorderlichtfoto onderscheidt
- welke fotobewerking Martijn bij deze foto deed
- of zijn eigen hond Ala ook op deze foto staat
- waarom sommige expeditie-deelnemers jaloers zijn op de foto’s die Martijn maakt, terwijl ze dat niet zouden mogen zijn
- hoe en waarom Martijn zijn fotoarchief minimaliseert
Bekijk deze aflevering:
Waar bekijk je deze aflevering van Vink Mooi nog meer?
- Apple Podcasts
- Spotify
- Of zoek naar Vink Mooi in jouw favoriete podcast-app.
De foto is hier gemaakt:
Grotere kaart weergevenFoto’s van Martijn Smeets:
Bekijk meer foto’s van Martijn Smeets op instagram @martijnsmeets en op zijn websites: martijnsmeets.nl en martijnsmeetsfotografie.nl.
Genoemd in deze aflevering:
Bardu Huskylodge – waarmee Martijn iedere winter de huskytochten maakt.
Vond je dit een toffe aflevering?
Dan hoor ik dat natuurlijk heel graag! <3 Stuur me een mailtje, deel de aflevering met je fotografievrienden en laat een review achter bij één van de platformen.
Bekijk het complete transcript
Laura: 00:00
Ik moet wel nog even snel knopjes zoeken: Smeets en Lolo.
Martijn: 00:03
Ik voel me weer helemaal thuis.
Laura: 00:09
Goed zo. Welkom Martijn. Top dat je er weer bent.
Martijn: 00:12
Ja, leuk om er weer te zijn.
Laura: 00:16
Achter elke mooie foto schelt een verhaal, ook als je dat niet meteen ziet. In deze podcast neem ik je daarom mee achter de camera en hoor je hoe die ene foto tot stand is gekomen. Dus wat gebeurde er voordat er op het knopje werd gedrukt? Welke keuzes maakt het verschil? En hoeveel geluk was er nodig voor deze mooie foto? Eerlijke verhalen en avonturen uit de praktijk, waarbij we verder kijken dan het kader. Mijn naam is Laura Vink en dit is Vink Mooi.
Laura: 00:46
Tegenover mij zit Martijn Smeets. Martijn woont in Helsinki, maar ik kan wel zeggen, jouw thuisbasis is ook wel Rotterdam. Jij werkt als consultant bij organisatieveranderingen. Ik ken je al een hele tijd. Ik weet eigenlijk niet zo goed wat je doet, maar we hebben het vaak over andere dingen en over fotograferen.
Martijn: 01:04
Lekker zo houden.
Laura: 01:05
Jij hebt jouw hart verloren aan de noordelijke landen. Dus Scandinavië, IJsland, Groenland. En in aflevering vier hebben mensen al kunnen horen over een foto die jij hebt gemaakt in IJsland toen we daar op vakantie waren. Wij kennen elkaar al lang. Jij bent de enige die mij Lolo noemt. Dus daarom heb jij een eigen jingle gekregen, speciaal voor deze podcast. En vandaag gaan we het hebben over een foto die jij in Noorwegen hebt gemaakt. Een noorderlicht foto. Op die foto zien wij honden in een rijtje. We zien een rode tent. De honden hebben rode jasjes aan. En daarboven prachtig een blauwe lucht met sterren erin. En knalgroen noorderlicht. Daar gaan we het straks over hebben. Ik wil eerst even hebben over jullie vakanties. In aflevering vier heb ik al verteld dat als jullie op vakantie gaan, dan is dat met de camper, of jullie doen een meerdaagse kanotocht, of jullie gaan bikepacken. Je hebt gezellig langs de kust van Groenland. En als jullie in de winter op vakantie gaan of tegen het voorjaar, dan gaan jullie niet gewoon op wintersport, wat veel mensen doen. Jullie gaan ook niet de winter ontvluchten en naar een zonvakantie. Jullie gaan een huskytocht doen van meerdere dagen waarin jullie de meest extreme omstandigheden hebben. Ik heb foto’s gezien van sneeuwstormen van bijna geen zicht hebben. En dan staan jullie uren op een slee met allemaal huskies voor je. Vertel, wat is daar zo gaaf aan?
Martijn: 02:51
Je moet het meemaken, denk ik, om dat echt goed te begrijpen. Het is iets wat we ooit één keer als een soort bijna een soort bucketlist klinkt verkeerd, maar iets wat we heel graag wilden, wedenden één keer een goede husky-expeditie doen en dat was in 2020. En ik weet nog dat we voordat we eraan begonnen, dat we het ook met de eigenaren van die Husky Lodge waar we mee aan tafel zaten hadden, over gasten die vaker terugkwamen. En wij vonden dat maar een gek concept dat je dan vaker terugkomt voor een Husky tour voor zo’n expeditie.
Laura: 03:24
Want jij denkt, dan heb je het gedaan, dan heb je het ervaring.
Martijn: 03:26
Ja, dat was toch een beetje waarmee we met het idee waarmee we er waarmee we eraan begonnen. Dat once in a lifetime idee. Maar we kwamen terug na dit was een tour van acht dagen toen kwamen we terug. En ja, ik weet nog dat we toen tegen elkaar zeiden van zou dit onze wintersport kunnen zijn? Dus dat we het misschien niet elk jaar, maar om het jaar doen of zoiet dergelijks. Met andere woorden, na die acht dagen waar we er al zo aan verknocht. En je moet er het type voor zijn dat in de eerste plaats is. Het is een expeditie, dus er komt veel werk bij kijken. Het is intensief, het is qua omstandigheden aan de alle kanten op.
Laura: 04:08
Want neem even mee in zo’n expeditie. Je vertrekt van een bepaald punt. Iedereen heeft een eigen slee. Daar zit volgens mij wel 200 kilo aan bagage op. Dat is niet alleen maar je eigen bagage, maar ook voorveel honden zijn er voor de slee?
Martijn: 04:25
Het hangt een beetje van het gewicht van de persoon af, hoeveel je aan kan. Maar het varieert voor de gasten die mee zijn van 6 tot 8 honden per slee. En dan heeft de gids er of wel 8 of 10. En soms komt ook voor dat het met 5 honden gesleed wordt. Maar 6 tot 8 is gangbaar.
Laura: 04:44
En hoeveel leg je dan op een dag af? Dus hoeveel kilometers maak je en waar slaap je dan?
Martijn: 04:51
De kortste dagen zijn rond de 20 kilometer? De langste dagen richting de 70 kilometer. En het slapen kan in een tent zijn, zoals ook op de foto te zien is, maar het kan ook een cabin zijn, het kan een huis zijn. Maar het zijn over het algemeen wel altijd wat meer de wildernis.
Laura: 05:11
Ja, want je gaat volgens mij de middle of nowhere in. Zonder paden? Volg je een bepaalde route of volg je alleen de gids? Hoe bepaalt hij de route?
Martijn: 05:21
We gaan daar achter de gids aan en het zijn wel vaste routes, en dat heeft er enerzijds mee te maken dat een route veilig moet zijn. Want dan zit er bepaalde afdalingen kan je gewoon niet doen met honden. Moet je je voorstellen, met hondensleden is het eigenlijk gaat meer om het remmen dan het aansporen en het versnellen van de honden. Maar dat betekent dus ook als je naar beneden gaat dat je in staat moet zijn om te kunnen remmen. Want je wil ook niet dat die slee dat team inhaalt. Er is ook nog een snelheid die op een gegeven moment gevaarlijk kan zijn voor honden, het kan te snel gaan voor ze, waardoor ze vastkomen zitten in de sneeuw, dan kunnen allemaal nare dingen gebeuren. Dus dat is een beperking in routes. Ook hoe stel je omhoog kan, wat als die slees die inderdaad vol beladen zijn en met jezelf erop dat gaat richting en over de 300 kilo, ruim over de 300 kilo. Enerzijds moeten de honden dat kunnen trekken, maar soms hebben de honden ook hulp nodig en moet je zelf ook in staat zijn om dat ding in beweging te kunnen krijgen. Ja, er zijn gewoon grenzen aan. Dus dat is een belangrijke beperking. En er zijn plekken waar het niet kan, niet mag.
Laura: 06:23
Wat is de gemiddelde snelheid die je maakt als het gewoon vlak terrein is?
Martijn: 06:28
Over het algemeen is de snelheid waarmee de honden rennen, varieert heel sterk afhankelijk van de sneeuwomstandigheden. Dus ook vlak terrein is moeilijk te zeggen. Het kan 8 km per u zijn, of zelfs nog langzaam, het kan echt kruipend zijn. Maar het kan ook ver boven de 20 km per u zijn. Als je goed bijvoorbeeld meer hebt waar perfect sneeuw overheen ligt, kan het boven de 20 aan. Maar de gemiddelde snelheid waar je mee op een dag uitkomt, zit vaak rond de 12 km per uur. Dat is een beetje de gangbare gemiddelde snelheid.
Laura: 07:00
En je dacht dus dat het een soort once-in-a lifetime ding zou worden. Nou, dat is het niet. Hoe vaak heb jij al een tocht gedaan?
Martijn: 07:08
Ik geloof dat ik langzaamaan naar de 10 toe beweeg. 10 al? Ja, langzaamaan. Ik denk nog niet dat ik eraan zit. Maar het is inmiddels wel zoveel dat ik het dus ook niet meer paraat heb, hoeveel het er precies zijn. Dus dat zegt al genoeg, denk ik.
Laura: 07:23
En het blijft je trekken.
Martijn: 07:26
Het is inmiddels wel echt een bijna vast ritueel van de winter geworden.
Laura: 07:29
Mooi.
Martijn: 07:30
En alles varierend van 8 dagen tot aan 25 dagen.
Laura: 07:35
Dat lijkt me heel erg afzien. Maar ik kan me denk ik ook voorstellen wat het je brengt, wat je oplevert, de ervaring. Dan ga je dus.
Martijn: 07:46
Dit is in Noorwegen of in Zweden, of ja, dus de Huskyfarm waar wij het mee doen, en waar ik het mee doe, is de Bardu Husky Lodge in Noorwegen, het noorden van Noorwegen, een beetje tussen Tromsø en Narvik in, die hoogte, de hoogte van de Lofoten, voor de mensen die dat weten vinden. En vanaf daar ligt dicht bij Dividal National Park. En dat is voor hun eigenlijk de route, de wildernis in. En dan als zij daar de wildernis in trekken, belanden ze ook vrij snel in Zweden. Dus veel van de routes gaan van Noorwegen, Zweden in zo verder.
Laura: 08:19
Als jij vaak in de winter dus op pad bent, dan zie je vast ook heel vaak noorderlicht.
Martijn: 08:27
Ja, maar niet vanzelf. Het is natuurlijk wel een numbers game, zeg ik altijd met noorderlicht. Je kan niet zeggen ik ga even een week naar het noorden en dan zie ik het zoveel dagen, of dan heb ik die garantie, dat bestaat niet echt. Maar er gaat natuurlijk wel om dat hoe vaker je in het noorden bent, hoe groter de kans is dat je het te zien krijgt.
Laura: 08:49
Heb je het wel eens gezien vanuit Helsinki?
Martijn: 08:51
Ja.
Laura: 08:52
Maar dat is nog, dat is natuurlijk, die kans is veel kleiner.
Martijn: 08:55
Die kans is veel kleiner, enerzijds wat het natuurlijk veel zuidelijker is, maar het is ook een veel bewoonde gebied. Dus er is meer lichtvervuiling. En het is sowieso daardoor ook een moeilijker te zien. Maar het komt voor, net zoals dat we het in Nederland de laatste keer hebben.
Laura: 09:07
Ja, ik had de melding gemist, dus ik heb geslapen toen er hier echt prachtig noorderlicht was. Dus ik stel wel eens de vraag van welke foto heb je niet gemaakt en daar baal je van. Dit zou ik antwoorden: dat er gewoon noorderlicht was in Brabant en dat ik dat niet heb vastgelegd, omdat ik niet wist dat het kwam en ik gewoon lekker lag te tukken.
Martijn: 09:30
Nou, kleine anekdote daarop aanvullend. Want dat was begin dit jaar herinner ik me, wij waren toen nota benen tijdens dat heftige noorderlicht bij de husky lodge in Noorwegen. En daar was het minder goed zichtbaar dan hier in Nederland. En sterker nog, we moesten in zuidelijke richting kijken om het te zien. En noorderlicht idee dat je naar het noorden kijkt, wat je het daar vooral ziet. Maar het concentreerde zich dus meer in het zuiden. En ja, de beelden die ik kon schieten op dat moment waren minder dan wat er in bijvoorbeeld Utrecht mogelijk was. Niet altijd naar Noorwegen.
Laura: 10:03
Kan je de eerste keer dat je het noorderlicht zag, kan je dat herinneren?
Martijn: 10:07
Ja, de eerste keer is met mijn vader geweest in Noorwegen. Ik denk. Dat zou ergens 2008, 2009 zijn geweest. En de eerste keer was noodbeen de eerste dag dat we aan waren gekomen in Tromsen. We zouden rond gaan rijden naar het noorden. En we wilden net ergens wat gaan eten. En toen zagen we wat noorden ligt boven de hemel. En een dag later hebben we het onderweg zo vel gezien dat alles groen kleurde. Het was echt veel. Ja, en zoveel heb ik het nadien niet vaak meer gezien. Maar dit was het soort dat je ook niet eens meer kon fotograferen, omdat het niet mooi zou worden, het was te veel.
Laura: 10:46
En los van de foto’s, wat was jouw gevoel de eerste keer dat je het zag?
Martijn: 10:51
Ja, betoverend. Magisch iets. En dat is eigenlijk nooit echt verdwenen. Dus ik heb nog steeds dan moet ik wel zeggen dat inmiddels heb ik wel wat feller noorderlicht nodig om mij te bekoren. Maar ik kan er nog steeds uren naar kijken en uren voor buiten zijn.
Laura: 11:11
Je kunt het eigenlijk ook niet uitleggen als je het nooit hebt gezien en video’s. Ik vind dat video’s het ook geen recht doet, want ja.
Martijn: 11:18
Nee, en deels niet omdat een video geef je niet de hele ervaring met hoe het voelt om op dat moment buiten te zijn in die omgeving. Maar ook omdat er helaas tegenwoordig ook zoveel mee geknoeit, noem ik het even woord. Dus beelden worden versneld, et cetera. Dus soms zie je van het heel snel dansende noordlicht. Zo snel gaat het niet. Zo snel gaat het dan ook weer niet. Het kan snel bewegen. Maar ook door al die overdreven gevallen en dergelijke. Het stomt ons dan soms een beetje af, denk ik. Terwijl de echte ervaring.
Laura: 11:49
Blijft bijzonder.
Martijn: 11:50
Ja, en dat zit hem ook al een beetje in die kou. Die kou op je wangen voelen, naar boven staren, de stilte. waar je ook bent.
Laura: 12:00
Kun je iets vertellen over deze foto? Want ik zie dus de honden, ik zie een tentje, ik zie een vlakte met nog wat heuvels, bergjes op de achtergrond. Ik weet niet of je het bergen noemt of heuvels. Deze heb je natuurlijk tijdens een Husky-tocht gemaakt. Wanneer was dit?
Martijn: 12:18
Dit was in 2024. Halverwege de lange tour die ik heb gedaan van de Bardu Husky Lodge, helemaal naar Vardø, wat het meest noordoostelijke eilandje is van Noorwegen. Route van ruim duizend kilometer. En dit was ongeveer halverwege op een van de hoogvlaktes waar we toen de tent hebben opgesteld. En ja, zoals je op de foto kan zien, de honden zitten dan aan de stake – out line, zoals het heet, is dat zijn de lijnen waar ze vastliggen in de nacht rond de tent. En aan de sledes vast in dit geval.
Laura: 12:54
Je bent echt in de wildernis hier.
Martijn: 12:56
Ja, hier is echt, dit is echt, dit was, denk ik op deze hele tour ook de meest de meest ontoegankelijke, meest remote omgeving bij gebrek aan beter.
Laura: 13:08
Heb je hier dan nog wel telefonisch bereik?
Martijn: 13:10
Nee, hier was nul bereik. Al ook, ik denk al ruim 24 uur dat we als het niet langer was, geen bereik.
Laura: 13:17
En nu heb je dus overdag, je maakt die kilometers, dan kom je op een bepaald moment aan op de plek waar jullie de tent neerzetten, dan wordt er gekookt. Maar er moet nog veel meer gebeuren. Want ik had het net over al dat hondenvoer wat meegaat, dat zijn geen brokken die kant en klaar zijn, of wel?
Martijn: 13:34
Nee, ik moet altijd mensen uitleggen dat het meest actieve van hondesleden is alles wat gebeurt voor of na het sleen, maar zeker niet het sleeën zelf. Het sleeën zelf is eigenlijk een best wel rustig moment waar je het vaak ook juist te koud kan krijgen, want je niet actief bent. Terwijl het moment dat je dan aankomt op zo’n plek, het eerste wat er moet gebeuren is voor de honden zorgen. Ze moeten allemaal een plekje krijgen. Ze moeten op een gegeven moment jasjes om als het te koud is, zoals hier. Ze moeten eten krijgen. Dat gaat in sticks die gehakt moeten worden. Het eten is misschien al wel voorbereid op de slees, omdat het opgewarmd is gedurende de dag in een jerrycan met kokend water. Maar dat betekent ook dat er water gekookt moet worden ook weer voor de volgende dag. En zo is er een hoop werk dat ter plekke moet gebeuren. Zo’n tent moet natuurlijk opgezet worden of een cabin moet gereed gemaakt worden. Er moet misschien hout gehakt worden. Jij bent zo uren verder voordat je ergens op een matje ligt.
Laura: 14:25
En hoe doe jij het fotograferen tijdens zo’n tour?
Martijn: 14:34
Er zit een hoop ervaring in, inmiddels, dat ik weet wat wel en niet kan. Ik probeer sowieso bij alles wat ik doe, continu iets van een camera om mijn schouder te hebben en heel erg te anticiperen op hetgeen wat we gaan doen en wat er dan zou kunnen gebeuren en wat ik dus een apparatuur dan op dat moment nodig zou kunnen hebben. En op de slee ben ik er inmiddels heel handig in geworden om daar om te draaien, te staan, te balanceren terwijl ik foto’s maak. Maar dat is ook echt een kwestie van dat durven fysiek een beetje handig zijn en dat op een gegeven moment allemaal doen, en dus de ervaring. Maar ter plekke is het heel erg heel veel in het expeditiewerk zijn en die camera bij je hebben en af en toe wat schieten waar het kan. De mensen waarmee je samen bent, lief aankijken of het oké is als jij je heel even onttrekt van het werk, dat toch wel moet gebeuren. En waar je dan dus vooral even de documentairemak speelt, wat dat probeer ik op dat moment dan te doen. Dus het is altijd een beetje zoeken naar die balans van in hoeverre ben je dan fotograaf, hoeverre participeer je als expeditiegast.
Laura: 15:39
En ga je iedere nacht naar buiten om het noorderlicht te fotograferen?
Martijn: 15:45
Niet iedere nacht. Want er zijn dagen dat je vrij zeker weet dat het niet hoeft, als het helemaal bewolkt is. Als het helemaal bewolkt is. Op een gegeven moment leer je het weer ook wel een beetje lezen, dat je wel weet van oké, dit is een nacht dat het op gaat klaren of niet. Daar krijg je op een gegeven moment wel wat gevoel voor. Van tevoren op de plekken waar je bereikt hebt, kan je natuurlijk wel een beetje vooruitkijken wat het weer grofweg doet, al kan je daar in die noordelijke regio’s zeker niet van op aan. En als je het dan wil weten, is er maar één manier en dat is naar buiten gaan. Overigens helpt het dan wel als je in de groep iemand hebt die rookt bijvoorbeeld. Het wordt vaak gezegd dat de rokers zijn de beste noorderlichtspotters.
Laura: 16:28
En met die persoon heb je een deal van als je het ziet, kun je even ons meenemen in het maken van deze foto. Je ziet dat noorderlicht, of je nou naar buiten bent gehaald of je zag het zelf. Hoe bepaal je dan wat je gaat fotograferen en waar leg je dan tijdens het fotograferen op?
Martijn: 16:48
Nou,
Martijn: 16:48
dit was voor mij sowieso wel een soort bucketlist foto. Ik wilde, ik had al wel een foto van eerdere tours van honden onder het noorderlicht, maar ik wilde een betere foto hebben, en zeker eentje waarmee we ook waarbij die tent ook zichtbaar was, waarbij het kamperen wat meer tot uitdrukking kwam. In dit geval waren we op die hoogvlakte en toen wij aankwamen, was het al strak blauw. Het was echt de perfecte avond al. Omdat dit maart april was, die periode werd het best laat al donker. Dus de dagen waren wel langer aan het worden. En wat is laat dan? Nou, ik durf het niet eens met zekerheid te zeggen wat het hier is, maar ik denk dat het hier half negen, zeg maar weer donker werd. Dus je komt langzaam in wat we wat we in Noorwegen in het noorden de lichte winter noemen. Dus het is dan wel winter, maar de dagen worden wel al lang. En ik had al lang gezien dat dit een hele goede nacht zou worden, maar geen idee of het qua noorderlichtactiviteit ook goed zou zijn. Maar het was wel een locatie die zich er heel erg voor leende. En ik ben op een gegeven moment, toen iedereen al lang onder de wol lag, wat je voorstellen, op moment dat je ergens aankomt op een plek. Ik denk dat we hier. Ik schat, dus ergens rond vier uur misschien zijn aangekomen. Dan gaan er uren aan werk vooraf om alles in gereed uit te brengen. Rond de acht uur lig je met z’n allen in de tent, maar ben je helemaal afgedraaid. Iedereen is moe. Ook van de kou. De intensieve dag het werk en er zijn weinig mensen die dan nog zin hebben om eruit te gaan. Ja, en ik doe dat dan op zo’n moment wel. Ik probeer dan toch nog wel het moment mee te pakken en dan maar wat minder uurtje slaap voor lief te nemen. En dit was ik schat ergens rond 10 uur dat ik deze gemaakt heb.
Laura: 18:35
Ja, 21 uur 48 u heb ik hier staan.
Martijn: 18:39
En op het moment dat ik deze nam, was ik al rustig een klein uur buiten, denk ik. Ik vermoed dat ik hier rond 9 uur naar buiten ben gegaan. Dat is een beetje de tijd dat de meeste mensen voor de laatste keer misschien nog een tanden hebben gepoetst in de tent in zijn gegaan en ik ben dan buiten gebleven. En ja vervolgens is het een kwestie van ja, wachten en hopen dat komt. En er was de hele tijd wel iets zichtbaar, maar het ging niet echt een kant op. Dus ik zat ondertussen een beetje te zoeken van kan ik ook andere composities maken, andere dingen doen. Ik heb nog wat foto’s gemaakt van heel ver nog wat ondergaan, zonlicht en. Dus ik was mezelf aan het vermaken te plekken. Maar dat echte felle noorderlicht, dat kwam mij niet. Tot drie kwartier later. Toen plots wel, maar toen vertrok het ook weer vrij snel. Dus het was ook best wel veel gestress van de ene plek naar een andere plek. Want ik stond in eerste instantie niet op een goede plek. Ik was weer ergens anders aan het kijken van kan ik hier iets. Ik wist weer terugrennen naar die honden. En wat je dan weer krijgt, is dat je wil wel een foto wil dat alles een beetje degelijker uitziet. En ja, honden zijn dieren die bewegen. En zeker als je wat langere sluittijden nodig hebt, dan kan het zijn dat ze in beweging zijn, etc. Je hebt best wel veel foto’s nodig om dat shot weer te hebben. Dus het was best wel een proces. Maar uiteindelijk kwam deze er wel uit. En daarna, ik geloof dat ik daarna nog een uur of één, twee langer ben blijven hangen buiten op zoek naar misschien nog meer beelden. Er heeft nog wel tussen gezeten daarna. Maar ik heb rustig aan al drie uur drie uur buiten geweest.
Laura: 20:09
Meta, meta, meta, meta, de metagegevens. Met welke instelling heb je deze foto gemaakt?
Martijn: 20:15
Ik heb deze gemaakt met mijn Canon R5. Dat is een systeemcamera. Met de 1535 lens op 15 mm. Ik moet zeggen, die 15-35 lens bijna altijd op 15 mm gebruik. En als ik mijn 10-20 lens gebruik, gebruik ik hem bijna altijd op 10 mm. Dus het zijn voor mij een soort van een soort vaste brandpuntlenzen. Kleinste driafragmagetal, grootste opening. Dus 2.8 om zoveel mogelijk licht naar binnen te krijgen. ISO waarde op 3200 gezet. En dat had er alles mee te maken dat ik daar te plekke. Ik had best nog wel wat belichting nodig. Dus vier seconden belichting. Maar met ISO 6400 had het ook wel gewerkt, maar kreeg ik net dat tikkie te veel ruis. En met vier seconden, ISO 3200 kwam die net wel beter uit de verf. Dus ik heb beide geprobeerd uiteindelijk.
Laura: 21:06
Want scheen de maan op dit moment of heb je bijgeschenen?
Martijn: 21:10
Dus de schaduw die ook te zien zijn bij de honden, dat is van maanlicht.
Laura: 21:14
Dat voegt echt iets toe in deze foto vind ik. Want daardoor zie je én het landschap beter, je ziet de honden beter. En de sneeuw wordt ook witter, in plaats van dat het toch te donker wordt ten opzichte van de lucht.
Martijn: 21:27
Ja, en dat is het denk ik wel vaak bij noorderlicht foto’s, dat de voorgrond vaak zo’n ondergewaardeerd iets is, bij de meeste foto’s die ik daarvan tegenkom, dan die voorgrond wat modderig, het ziet er niet echt uit als sneeuw. Ik heb de luxe dat ik al vaak inmiddels noorderlicht gezien heb en gefotografeerd heb en dat ik dus heel selectief kan zijn daarin. Maar ik ben het vanaf het begin al wel geweest dat ik die voorgrond. Dat onderscheidt wat mij betreft een matige noorderlicht foto van… Een hele goede noorderlichtfoto van de matige noorderlichtfoto. Ja, dat zit allemaal in die voorgrond. En wat er verder te zien is, ja, anders kun je de camera net zo goed alleen maar naar de hemel richten.
Laura: 22:08
Ja, dan.
Martijn: 22:10
Maar daar ben ik wel snel op uitgekeken.
Laura: 22:12
Ja,
Laura: 22:12
wat is denk je qua camera-instellingen belangrijk als mensen voor het eerst het noorderlicht gaan fotograferen, waar moeten ze op letten?
Martijn: 22:21
Nou, sowieso dat die ISO even goed opgeschroefd wordt. Ja, wees niet bang om die naar 3200, 6400, eventueel zelfs nog hoger. Zeker met de moderne camera’s kan dat prima. De hoeveelheid ruis die je daarvoor krijgt, is goed weg te werken. En is wat mij betreft een nadeel dat niet opweegt tegen het voordeel van de kortere sluittijden die mogelijk zijn.
Laura: 22:45
Maar waarom zou je niet hem op ISO 400 houden en dan gewoon een sluitertijd van 30 seconden pakken?
Martijn: 22:50
Ja, het probleem met noorderlicht is dat iets dat beweegt. Het hangt er vanaf hoe snel het beweegt, maar zeker met een sluitertijd van 30 seconden, dan weet je vrij zeker dat je één grote groene baas krijgt, dan zit er geen patroon meer in, wat het juist zou maakt. Dus ik ervaar de sweetspot vaak tussen een halve seconde en een 6 seconde. Het fluctueert afhankelijk van hoe snel het is.
Laura: 23:16
Ja, en het moet dan wel heel zichtbaar zijn. Want jij bent selectief en jij gaat er misschien extra op uit als het heel fel is. Maar als iemand maar een weekje in Lapland is en ze zien het en het is heel lichtje zichtbaar, dan kan ik me wel voorstellen dat je dan toch maar voor die 30 seconden foto gaat, omdat je het dan tenminste ziet op de foto.
Martijn: 23:35
Ja, maar dat geldt ook wel weer, alles is beter dan niets. Dus als je dan, als dat dangeen is waarmee je thuis komt en er was geen andere mogelijkheid, dan is dat het. Ja, goed, die situaties heb ik ook wel gehad, dat ik dat het niet beter werd dan dat. Maar wat ik daar wel aan toe wil voegen, is dat noorderlicht wel een geval dat je hou vol. Want loop je naar buiten en zie je het en je ziet het iets feller worden en het verdwijnt op een gegeven moment weer. Het is niet per definitie zo dat het dan voorbij is. Het kan vijf minuten later, maar ook een uur later of twee uur later super worden plots. Dat kan een minuut duren, dat kan uren duren, dat weet je allemaal niet. Maar wat je wel weet, is als je terug naar binnen gaat, dat je het niet gaat zien. Dus het is uiteindelijk wel een kwestie van buiten zijn. En wat een ander belangrijk aspect met camera-instellingen is dat je diafragma zo wagenwijd als mogelijk openzet. Dus een lens hebben die een grote diafragmaopening heeft, helpt wel. Dat is wel een belangrijke voorwaarde. Tegelijkertijd er wordt ook wel vaak gesproken over het gebruik van lenzen die heel goed werken met astrofotografie. Dus die zelfs naar een diafragma van 1.4 kunnen bijvoorbeeld. Mijn ervaring is inmiddels wel dat als je, zeker als je er als een foto bij deze, er een stukje voorgrond bij wil pakken, dan die diafragma-opening weer te groot wordt en de scherpte diepte te smal, te kort, waardoor die voorgrond er ook niet mooi uitkomt.
Laura: 25:05
Dus dan moet je hem gewoon naar de lucht.
Martijn: 25:07
Ja, precies. En dan is dat maar wat je aan vrienden en familie laat zien.
Laura: 25:14
Je moet dus ook gewoon een kwestie van geluk hebben. En wij zijn in 2023 samen, waren een weekje, denk ik, door van Noorwegen zijn we naar Finland gereden en in die week hebben we geen noorderlicht gezien. Tenminste, dus één moment dat we het heel kort even zagen, of eigenlijk jullie. Jullie waren onderweg naar de sauna, of jullie kwamen net terug van de sauna, dat weet ik niet meer. En toen weten we nog wel dat Rabin de hotelkamer inkwam en zeg. Ja, noorderlicht. Er is wat te zien. En ik stond op dat moment onder de douche met mijn haren in de shampoo. Ja, en tegen de tijd dat ik afgedroogd was, was het alweer voorbij.
Martijn: 25:53
Het is toch een gebrek aan toe wijding.
Laura: 25:56
Dat zal het zijn geweest. Of omdat ik niet naar de sauna wilde, dat dat het kwam.
Martijn: 26:01
Ja, nee, maar dit is wel klassiek wat het is. Je moet wel veel, je moet niks, maar op het moment dat het er is, moet je bij wijze van spreken paraat staan om naar buiten te gaan. Of dus de andere optie, die ik dus veel hanteer, bereid zijn urenlang aan een koud fjord op zo’n vlakte als deze, waar het op deze plek was op dat moment min 20. Dat zijn de temperaturen waar je dan mee te maken krijgt. Maar daar gewoon te wachten. En de hoop te hebben dat het komt. En ik krijg vaak van mensen dan te horen van ja, je hebt zo iedere keer zien als jij naar het noorden bent geweest, dat je weer noorderlichtfoto’s hebt. Dus jij hebt lijken heel veel geluk mee. Ja, totdat ik ze dan uitleg wat ik daadwerkelijk doe om het vast te leggen. En dat ik dus een heel hoop slaap offer om op die manier in de kou te liggen.
Laura: 26:53
Want deze foto maakte je om 21 uur 48 uur. Daarna heb je nog een foto. Dat was 22 uur 53 uur. En je zei al, daarvoor was ik ook aan het fotograferen. Dus ja, je hebt die echt een tijd.
Martijn: 27:05
En daarna dus ook nog even.
Laura: 27:07
Heb ik nog
Laura: 27:07
even twee vragen. Allereerst doe je nog iets specifieks met de bewerking in deze foto’s.
Martijn: 27:12
Ja, wat het met orde ligt, op het moment dat je gebruik maakt van dingen als een automatische witbalans. Dan is de camera altijd van slag van het feit dat daar opeens zo’n gekke groene waas door de foto loopt. Dus witbalans aanpassing is eigenlijk altijd nodig. Soms is het noodzakelijk om, zeker in dit geval, bijvoorbeeld bij deze foto, was dat het geval om iets te doen met de kleuren van de sneeuw. En dat had alles mee te maken dat dat maanlicht die sneeuw extreem geel maakte. Omdat het was een laag hangende maan, dus daar kwam best wel wat warm licht op. Dus ik heb de geel tinten in deze foto wat naar beneden moeten halen om het weer zo te tonen als ik het zelf zag. Dus wat dat betreft is een camera sensor altijd een beetje verraderlijk. Onze ogen corrigeren sneeuw. Wij weten, onze hersenen weten sneeuw hoort wit te zijn. Dus wij kijken naar het veril en zien witte sneeuw. Terwijl die sneeuw wel degelijk geel belicht werd. Dus om dat weer zo te laten voorkomen als het in werkelijkheid was, moet je daar toch wat aanpassingen aan verrichten. Dus dat is iets wat ik heb moeten doen. Ook hier contrastaanpassingen om te zorgen dat het niet alleen maar zwart en wit was, bij zo spreken. Dat zijn uiteindelijk de belangrijkste aanpassingen. Ik heb denk ik nog een klein verloopfilterje hier over de hemel gelegd om wat meer contrast in met name de sterren aan te brengen.
Laura: 28:35
Het is zo’n mooie toevoeging dat je die spikkeltjes in de licht die er doorheen komen.
Martijn: 28:40
Dat geeft het net even iets meer leven. Vooral ook omdat dat iets is wat je opvalt, zodra je dan wat langer naar gaat kijken. Dus het is iets dat extra naar je toe komt op dat je de foto in opneemt.
Laura: 28:50
Zien jullie of staat Ala, jullie hond, ook op deze foto?
Martijn: 28:55
Oh, ik durf niet te zeggen of ze op deze foto staat.
Laura: 28:58
Want jullie hebben een hond, die heet Ala. Die heeft bij de Husky farm gewerkt. Toen gebeurde er van alles bij de Husky farm, waardoor ze de honden moesten verkopen. Toen hebben jullie Ala overgenomen. Daarna kon de Husky farm weer opstarten. En nu gaat Ala dus mee.
Martijn: 29:17
Ja, wij trainen haar nog elk seizoen. En ze gaat met ons mee op tour, en ze is nog steeds de leidhond waar ze voor opgeleid is tijdens de tour, alsof ze nooit is geweest. Maar ik denk eerlijk gezegd dat ze bij het maken van deze foto in de tent lag. Ze is wel een beetje een bankprinsesje geworden. Dus die kent comfort inmiddels. En je weet dat het in die tent te vinden is. Dus die ligt vaak in de tent. Ze kan buiten liggen.
Laura: 29:44
Maar goed, ja, nou ja, het is ook gezellig, denk ik, in de tent.
Martijn: 29:48
Absoluut. Voor haar en voor ons.
Laura: 29:51
Nu heb ik jou gevraagd voor deze podcast om de foto’s te selecteren. En je hebt deze foto laten zien. En er is nog een foto die je later hebt gemaakt. Maar heel veel meer foto’s kon je me niet laten zien van die avond. En dat heeft alles te maken met hoe jij je selecties maakt van jouw foto’s. Wil je daar iets over vertellen?
Martijn: 30:13
Ja, ik ben met de jaren, wat het is iets dat zich de laatste jaren ontwikkeld heeft, denk ik steeds kritisch geworden met wat ik wel en niet bewaar. Ik vind het sowieso een belangrijk moment dat ik de foto’s gemaakt heb om heel snel het kaf van het koren te scheiden, dus wij spreken al tijdens de trip, nog voordat ik thuis ben, al het gereduceerd hebben tot misschien maar 20% van wat ik geschoten heb.
Laura: 30:39
Jij zit gewoon op je camera en je drukt op het vraag. Een soort back-up van.
Martijn: 30:57
Je weet nooit wat er gebeurt. Dus ik wil altijd wel dat ze dan als ik thuis kom dat ik nog een back-up zou kunnen maken als het nodig zou moeten zijn. Maar dat ik al wel daar een duidelijke selectie van 80% gaat weg. 20% hou ik over waar ik op kan filteren. Maar ik ben de laatste jaren mijn archief nog veel verder op gaan schonen. Omdat ik zelf gewoon bijna krankzinnig of in ieder geval heel onrustig werd van het feit dat dat zo vol zat met foto’s waar ik nog niks mee gedaan had. En heel waarschijnlijk ook nooit iets mee ging doen. En ik merkte op een gegeven moment dat het mij juist rust gaf om er dan maar helemaal vanaf te zijn. Dus ik denk dat ik een jaar of drie, vier geleden daarmee begonnen ben. En toen had mijn archief misschien 50.000 foto’s op dat moment, wat ook al niet heel veel was. Er was zoveel weg. Ik weet niet hoeveel foto’s heb.
Laura: 31:45
Ik durf het niet te zeggen, maar het is echt veel meer. Ik heb stapels harde schijven. Ik ben iemand die niks verwijderd. Niks weggooit. Ja, misschien de foto die helemaal mislukt is, helemaal onscherp of zwart. Maar ook daarin doe ik heel vaak niet de moeite om het te lieten.
Martijn: 32:05
En ik heb het dan dus al naar die 50.000, toen al naar die 50.000 gebracht. En inmiddels zijn dat er misschien 12.00, 13.000. En ik zie daar nog steeds mogelijkheden in om dat verder te verkleinen. En dat hoeft niet per se. Maar ik merk wel dat het mij in ieder geval wel rust geeft dat het dan gewoon weg is.
Laura: 32:23
Maar het is ook een enorm proces waar je doorheen moet gaan. Want je moet iedere foto bekijken, dan beslissing maken over iedere foto. Ik word al gek bij de gedachte dat ik dat bij iedere foto moet doen.
Martijn: 32:35
Ja, maar daar spelen twee dingen denk ik een rol. Die eerste selectie is best wel, die maak je bijna wijze van spreken technisch. Dus welke van de twee foto’s is technisch de beste, welke scherp, welke niet, welke is belichting beter. En naarmate je verder komt in de tijd en je ook emotioneel vooral wat meer afstand hebt van de foto’s, althans zo ervaar ik het, wordt het ook makkelijker om de foto’s te beoordelen voor wat ze zijn zonder het subjectieve sentiment dat ik misschien had bij dat moment, waardoor ik ook wat makkelijker kritisch mijn eigen werk kan verwijderen. En er zit een interessante bijvangst in voor mij in ieder geval. Dat op het moment dat ik weer op die manier door mijn oude werk ga, en of dat nou van 2007 is of 2025, dat maakt eigenlijk niet uit. Maakt ook dat ik zelf weer kritisch kijk naar waarom ben ik dit eigenlijk aan het verwijderen. Waarom vind ik dit nu niet goed genoeg? Waarom gaat het nu weg? En ja, ik geloof dat ik daar ook wel weer veel uithaal waar ik vandaag wil ben.
Laura: 33:32
Ja, daar zul je ongetwijfeld veel van leren en ook een soort.
Martijn: 33:35
Dat is een heel stil leerproces. Wat is niet zo dat ik dat met aantekeningen aan het doen ben of wat dan ook. Maar ik merk wel dat het gebeurt. Ik ben nu bijvoorbeeld ook veel selectiever als ik door de natuur loop. En ik ergens bijvoorbeeld een foto van wil maken, dat ik me dan realiseer van hé, die foto die ik nu hier wil gaan maken, ga ik toch deleten? Want ik heb vorige week of vorig jaar heb ik een soortgelijke foto verwijderd, omdat ik er jaren later niks aan vond. Dus dat scheelt tijd, moeite, et cetera.
Laura: 34:04
En harde schijven.
Martijn: 34:05
En harde schrijven, inderdaad. Dus ik heb niet zo’n grote stapel aan spullen liggen. Maar het scheelt ook, het maakt ook dat het vervolgens een ander creatief proces vrijkomt. Dat je na ga nadenken, oké, maar wat kan ik hier dan wel? En wat is dan de tijd die dan vrijkomt in een wandeling, breng je misschien weer een ander punt waar je wel datgene aantreft. Dus dat is wat het oplevert.
Laura: 34:26
Ergens zou ik willen dat ik dat ook had. Dat ik, misschien moet hier ook een woord voor bedenken voor een minimalistisch fotoarchief. Misschien moeten we een term coinen of zo. Ik wou dat ik dat ook in me had, maar ik weet gewoon dat ik daar nul plezier aan zou beleven, dat ik dat echt als een opgave zie. En ik ervaar het niet als een last dat ik wel die stapelharde schijven heb. En dan is mijn excuus altijd natuurlijk, omdat ik lesgeef over fotografie met Vink Academy.
Martijn: 34:54
Je weet nooit hoe je het nog kan.
Laura: 34:55
Ja, dan wil ik niet alleen maar de goede foto’s laten zien. Ik wil ook vaak de foto’s laten zien die ervoor gebeurden. Ook voordat ik deze podcast begon, de slechte foto’s om te laten zien. Dit is niet goed om die reden. Dus ik ervaar het niet als een balast. En ik zie er ook voordelen aan. En helemaal nu met deze podcast.
Martijn: 35:14
Ja, ik heb er dus geen rekening mee gehouden dat ik op een gegeven moment in een podcast heb behandelen, waar ik voor en na zou moeten laten zien. Dus dat heeft ook nadelen.
Laura: 35:21
Ja, dat snap ik helemaal.
Laura: 35:23
Is er nog iets wat je wilt toevoegen, wat je niet hebt verteld over deze foto en waarvan je denkt dat is wel belangrijk of dat wil ik nog wel kwijt?
Martijn: 35:31
Nou, toevoegen niet echt, maar onderstrepen wel. Dat de manier om foto’s als deze te schieten, is door gewoon erop uit te gaan buiten te zijn. Het ongemak dat ermee gepaard gaat, voor liefde te nemen. Kleine anekdote bij deze tour is ook een vriend van mee, een vriend die ik ken eigenlijk van deze tours, Florian. Shout-out. Die altijd heel jaloers is dat ik deze foto’s maakte terwijl hij ligt in die tent. Hij is hier. Hij was hier fysiek aanwezig. En hij fotografeert dus ook. En ja, de volgende ochtend baalt hij dat hij niet uitgegaan is, toen ik zei, Je moet echt naar buiten komen nu.
Laura: 36:11
Je hebt hem.
Martijn: 36:12
Ik heb een gewaarschuwd op nota bene rond dit moment. Ja, en dan is het comfort van de slaapzak toch gewonnen op zo’n moment. Dus ja, dat is uiteindelijk wel hetgeen wat het verschil maakt. Ga je dan wel of niet. Zelfs alle keren dat ik niks gezien heeft, het is nooit zo. Het is een beetje als met een wandeling in de natuur, ook is het slecht weer. Ik denk dat er weinig mensen zijn die daarvan terugkomen en balen dat ze het gedaan hebben. En dat geldt hier ook. Want ook al is er geen hoorde licht te zien, het is nog steeds een hele mooie avond in de middle of nowhere.
Laura: 36:47
Ja, en misschien sluit dit ook wel heel mooi aan bij mijn volgende vraag. Want ik wilde je vragen: het gezegde is niet geschoten, altijd mis. Zijn er foto’s waarvan je achteraf baalt dat je die niet hebt kunnen maken of dat het erbij was, maar je hebt hem niet gemaakt. Maar ik hoor eigenlijk al een soort van jij bent er gewoon, ja en nee.
Martijn: 37:11
Ongetwijfeld zijn die foto’s, maar er is nu niet direct iets wat me te binnen schiet. En dat heeft er alles mee te maken dat ik wel degelijk begin met het idee van een soort bucketlist shots of foto’s die ik in mijn hoofd heb. Als ik daar ben, wil ik dit gaan maken. Maar als ik er dan eenmaal ben en ik datgene niet kan maken, en het balen van het niet kunnen maken van die foto, laat zich heel snel verruilen door alle andere kansen die zich voordoen en de andere foto’s die ik daar ga maken, het creatieve proces dat dan loskomt? En dan blijkt dat dat idee uiteindelijk misschien alleen maar een trigger is geweest voor iets wat daarna veel origineler is en veel interessanter. En dan ben je het ook weer snel vergeten. Dus dat maakt het ook voor mij nu heel moeilijk om te zeggen, dat was een moment dat heb ik gemist of wat dan ook. Nee, ja, denk ik niet echt.
Laura: 38:00
Ja, dat kan. Waar kunnen mensen deze foto en meer van jouw foto’s bekijken?
Martijn: 38:08
Op Instagram zoek me op Martijn Smeets, op martijnsmeets.nl en op martijnsmeetsfotografie.nl. Die website moet er nog steeds een keer uit, maar dit is waar ik een tikkie slecht in ben het onderhouden van mijn websites.
Laura: 38:21
Dus jij hebt meer met het organiseren van je archief dan met het bijhouden van je.
Martijn: 38:28
En dat kunnen we misschien nog een ander verhaal wijden. Maar ik vind vaak het proces van het maken veel interessanter dan het showcase. Dus dat snap ik wel.
Laura: 38:37
Maar ik vind het proces van het maken ook veel interessanter dan het proces van het selecteren en het bewerken. Daar we het een andere keer over hebben. Je hebt je eigen jingle. Ik ga gooi hem er gewoon nog een keer in. Dus hier bij de belofte voor een volgende podcast gaan we het daarover hebben. Als je deze foto nog een keer wilt bekijken en je wilt de locatie zien waar je de foto hebt gemaakt, ga dan naar vinkmooi.nl /10. Daar zal ik ook een link bij zetten van de husky lodge, waar jullie zijn geweest of wil je dit geheim houden?
Martijn: 39:12
Nee, nee, nee. Ik gun ze alles.
Laura: 39:15
Oké, die ga ik erbij zetten. Als je deze aflevering op YouTube hebt bekeken, vergeet je dan niet te abonneren. En heb je deze podcast bekeken of beluisterd in je podcast app, volg de show dan, zodat nieuwe afleveringen automatisch voor je klaarstaan. Dit waren Smeets en Lolo. Dit was Vink Mooi. Tot de volgende keer.

Bekijk ook deze afleveringen van Vink Mooi
Alle Vink Mooi afleveringenVink Mooi
Dasher: het rendier dat ik om 1 uur ’s nachts fotografeerde in het noorden van Noorwegen
Vink Mooi
Boulders, blunders en gebrul – zonsopkomst fotograferen op het strand in Nieuw-Zeeland
Vink Mooi
Sofie: “Zonder fotografie zou ik hele saaie vakanties hebben”